Pablo Picasso

(1881-1973)

Pablo Picasso was een van de beroemdste kunstenaars aller tijden.

Picasso groeide op in Spanje. Als kind vertoonde hij al een buitengewoon creatief talent te hebben en werd als wonderkind beschouwd. Hij was beeldhouwer, grafisch ontwerper, pottenbakker, tekenaar en schilder.

Op 19-jarige leeftijd ging hij in Parijs wonen, waar hij een eenvoudig en armoedig leven leidde terwijl hij meer dan tweehonderd werken schilderde. Deze schilderingen geven uitdrukking aan zijn bedroefdheid over de armoede van de mensen die hij om zich heen zag. Dit werd zijn Blauwe Periode (1901-1904).

 

Daarna begonnen Picasso's schilderijen vrolijker te worden, hij ging circusclowns en circusartiesten schilderen in zijn Roze Periode (1904-1906).

 

 

 

 

Na deze periode schilderde hij afbeeldingen die meer leken op puzzels waarvan de stukjes allemaal door elkaar geraakt zijn. Soms knipte Picasso stukjes uit de krant en plakte die dan op zijn schilderijen, of voegde hij een etiket van een fles toe, of wat knopen of stukjes stof of touw- een techniek die 'collage' heet.

Picasso en de andere kubisten ontwikkelden een nieuw idee omtrent kunst: zij bekeken hun onderwerp en schilderden dat dan zoveel mogelijk van alle kanten. Picasso probeerde alle kanten van zijn modellen tegelijkertijd te laten zien. Hij schilderde bijvoorbeeld een vrouw die naar rechts kijkt terwijl naar neus naar links wijst. Haar lichaam schilderde hij alsof het uit kubussen of vierkanten vormen bestond die ook weer naar allerlei kanten gericht waren, zij leek dan meer op een puzzel of een gebroken spiegel.

Veel kunstenaars werden door Picasso beïnvloed. Picasso bleef schilderen tot aan zijn dood op 92-jarige leeftijd.