KASTELEN

 

Introductie
Kastelen werden allereerst gebouwen van de oorlogen en werden gebouwd in landen met ruzie (oorlog). Het was dan ook bijna niet te voorkomen dat ze werden aangevallen. Daarom werden ze ook gemaakt van massieve stukken steen en het was dan ook erg moeilijk om ze te vernietigen. Het doel van een aanval was dan ook niet om het kasteel te vernietigen maar om hem binnen te dringen. Dit was hoe dan ook erg lastig. Aanvallen duurden vaak maanden en konden zelfs jaren duren. Kastelen werden beschermd door minstens 2 muren en een vaak ook nog een slotgracht. De verdedigers konden alleen maar hopen dat een ander leger hen wil helpen of dat ze op de een of andere manier de tegenstanders zelf kunnen verslaan.



Honger en wanhoop
Het meest effectieve wanneer troepen een kasteel willen veroveren was de honger en de wanhoop. Aanvallende troepen zullen proberen om het hele kasteel te omsingelen en af te sluiten van de buitenwereld. Er mochten geen proviand naar binnen en geen berichten naar buiten. De situatie binnen het kasteel werd vaak erg beangstigend. Hoewel er grote hoeveelheden proviand waren opgeslagen in het kasteel, het raakte wel eens op. Dan was de verdediger gedwongen om alles te eten wat hij tegen kwam. Dit waren ratten, gras, honden en alles wat maar een beetje te eten was. Uiteindelijk zal het verdedigende leger bijna verhongeren en niets anders kunnen doen dan zich over geven.


Lastig vallen en de truc

Lastig vallen was een andere manier van de aanvallers om de verdediging van het kasteel in te laten storten. Het effect was zowel psychologisch en lichamelijk. Veel verdedigers werden vermoord waardoor het aantal mensen dat kon vechten verminderde. Daarbij waren de mensen binnen het kasteel het zat om te zien dat er steeds mensen doodgingen van hun kant. Het aanvallende leger bleef het kasteel constant onder vuur houden en zorgden dat ook de muren constant aangevallen werden. Ze zorgden ervoor dat er beweegbare schilden (schuttingen op wielen) waren waar de boogschutters zich achter konden verschuilen. Het nadeel van lastig vallen was dat het gold voor beide partijen, zowel de verdediger als de aanvaller kan er helemaal gek van worden. Aanvallers probeerden ook vaak de verdedigers voor de gek te houden door toegang te krijgen tot het kasteel. Voorbeeld; het aanvallende leger pakt hun wapens en verdwijnt uit het zicht. Dan wachten ze een paar dagen en sturen een aantal soldaten om zich voor te doen als voorbijgangers van het kasteel. Deze soldaten kunnen dan de bewakers doden en de hoofdingang openen. Het aanvallende leger kan dan zo naar binnen lopen en het kasteel overnemen.

 

Tactieken om de kasteelmuren te verdedigen
De verdedigers onderhielden hun vesting. Het enige dat ze konden doen was reageren op de acties van de aanvallers. Ze hielden vol totdat het aanvallende leger vertrok of er hulp arriveerde. Ze vielen constant aan met fakkels, pijlen, olie, stenen en kokend water vanaf de muren. Boogschutters werden overal op het kasteel geplaatst om te helpen met het aanvallen. Door constant aan te vallen probeerden ze de aanvallers te vermoeien. Ze konden ook meer actief deelnemen aan de verdediging. Vaak werd een compagnie van troepen gestuurt vanaf het kasteel. Deze troepen zorgden vaak voor schermutselingen met de tegenstander. In het kasteel werden veel voorbereidingen getroffen voor een oorlog. Zodra er duidelijk werd dat er een oorlog dreigde werd er voedsel gezocht en opgeslagen. Door voedsel te verzamelen konden ze het soms wel een jaar volhouden zonder nieuw voedsel te gaan zoeken.


Tactieken om de muren binnen te dringen.
Psychologische oorlogsvoering was niet de enige manier die werd gebruikt tijdens een aanval. Er werd constant gevochten door beide partijen maar het aanvallende leger probeerde op allerlei manieren het gebied binnen de kasteelmuren binnen te dringen.


Ondertunnelen
Een van de manieren die gebruikt werd was het graven van een tunnel. Midden in de nacht werden houten schuurtjes opgezet, beschermd met leer (om vuur tegen te gaan). Op deze manier werden de gravers beschermd tijdens de gevechten. Verder werden er boogschutters rond de schuurtjes gezet om de gravers te beschermen tegen aanvallers. De boogschutters werden beschermd door beweegbare schermen. De speciale gravers werden sapeurs genoemd. Ze graven een tunnel onder de kasteelmuur heen. Terwijl ze aan het graven zijn ondersteunen ze de tunnel met houten balken. De gravers moesten wel altijd op hun hoeden zijn. De verdedigers probeerden vaak hete olie of kokend water in de tunnel te gooien. Als de tunnel lang genoeg was hadden de aanvallers twee mogelijkheden: doorgraven totdat ze uitkwamen op de binnenplaats van het kasteel of de tunnel in brand zetten. Het in de brand zetten van de tunnel zorgde ervoor dat de grond rond de tunnel instortte en vaak zorgde het er dan ook voor dat de kasteelmuur in zou storten. Om te zorgen dat de muur in de brand zou gaan stopten ze de tunnel vol met droge bladeren, takken en soms zelfs varkens. Dit zette ze in brand en hoopten dat dit de kasteelmuur zou verzwakken op de plaats van de brand. Als ze besloten om door te graven tot op de binnenplaats, zaten daar veel risico’s aan. De verdedigers zetten overal in het kasteel flessen water neer. Wanneer dit water op bepaalde plaatsen veel bewoog wisten ze dat er daar gegraven werd. Ze konden dan zelf een tunnel graven naar de tunnel van de tegenstanders om ze zo te overvallen.


Oorlog torens
Vaak werd er ook en aanvalstoren gebouwd. Dit was een grote toren gebouwd van hout, met ladders die naar boven leiden. De voor- en bovenkant werden weer met leer beschermd tegen brand. Het werd ver van de muur gebouwd en midden in de nacht dichterbij geschoven. Het werd recht tegenover de houten ….. van de verdedigers geschoven. De verdedigers en de aanvallers beschoten elkaar nu vanaf deze torens terwijl andere soldaten probeerden over de muur te klimmen. Soms lukte het om met genoeg soldaten over de muur te klimmen en de dichstbijzijnde toren in beslag te nemen. Een andere keer werd de gebouwde afgebroken.


De boomstam
Een andere manier om het kasteel binnen te komen was met behulp van een boomstam. Tijdens de nacht werd er dichtbij de ingang, of een zwakke plek in de muur, snel een schuur gebouwd. Het dak werd bedekt met vuurbestendig leer. Er werd een grote boomstam aan kettingen opgehangen aan het plafon van de schuur. Soms werd hij beschermd met ijzer. Groepen soldaten duwden de boomstam nu op en neer, waarbij hij steeds tegen de muur klapt. Dit zorgde uiteindelijk voor een zwakke plek in de muur en soms viel hij zelfs om. De verdedigers bleven tijdens de aanval e schuur en de soldaten constant aanvallen. Er werden brandende voorwerpen op de schuur gegooid in de hoop dat hij in brand zou gaan.


Oorlog machines
Oorlog machines werden vaak gebouwd om de muren en de binnenkant van het kasteel aan te vallen. De katapult was er een van.Oorlog machines waren machines die op allerlei verschillende manieren aangedreven werden. De katapult gebruikte de spanningskracht van touw en hout. Ze werden gebogen en gedraaid als een grote rubberband. De ontstane kracht zorgt ervoor dat, als je deze opeens loslaat, je grote voorwerpen kan wegschieten. Katapulten werden meestal gebruikt om grote stenen over de kasteelmuur te lanceren. Katapulten werden soms ook gebruikt om lijken of lichaamsdelen over de muur te lanceren om ziekten te verspreiden binnen het kasteel.