De gevangene van Azkaban

Harry Potter is in de zomervakantie na het tweede schooljaar op Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus Pocus opnieuw bij zijn oom en tante Duffeling.
Op de verjaardag van Harry komt tante Margot logeren, Harry heeft een verschrikkelijke hekel aan tante Margot.
Harry moet aan zijn oom en tante beloven dat hij zich goed zal gedragen wanneer zij er is, want alleen dan wil oom herman een formulier ondertekenen voor Harry, met dit formulier kan Harry het volgende schooljaar op zweistein mee op een excursie.

Tante Margot bespot Harry's ouders voortdurend. Ze gaat zo ver dat Harry zijn geduld verliest. Hij roept de zwelbezwering waardoor tante Margot zover opzwelt dat ze tegen het plafond aankomt. Harry weet dat hij nu in de problemen zit en loopt weg.
Hij wordt dan opgepikt door de Collectebus. Van de chauffeur hoort Harry dat Sirius Zwarts, een levensgevaarlijke gevangene uit Azkaban, is ontsnapt.

Onderweg komt Harry Cornelis droebel tegen en Droebel is zo bezorgd om Harry dat hij een hotelkamer voor hem regelt in de Lekke Ketel. Zo houdt Harry een week vakantie aan de Wegisweg.
Op 1 september gaat de Zweinstein Express naar Zweinstein. In de wagon bij Harry, Ron en Hermelien zit ook een vreemde man. Hij blijkt de nieuwe leraar Verweer tegen Zwarte Kunsten te zijn, Remus Lupos.

Eenmaal op zweinstein aangekomen beleven Harry Ron en Hermelien weer grete avonturen die je maar verder moet lezen in het boek, de gevangene van Azkaban.