
De
uniformen van de politieafdelingen.
Je hebt
de politie verschillende soorten afdelingen, dus ook
verschillende soorten uniformen. Vaak zie je dan aan de kleding
die ze dragen of aan de naam van de afdeling waar ze werken.
Hieronder
staan een paar voorbeelden.
- Verkeerspolitie
herken je aan het pak dat ze op de motor of in de auto
aanhebben. Vaak is dat een wit/oranje jas en een
donkerblauwe broek.
- De
surveillancedienst zie je vrijwel de hele dag op straat.
Zij hebben het 'normale' uniform aan.
- Bij
de recherche en technische opsporingsdienst werken ze
meestal zonder uniform. Dit doen ze om niet gestoord te
worden tijdens een onderzoek.
- De
agent, die kent iedereen. Je ziet ze vaak in de straat of
de buurt. Er zijn tussen de agenten ook verschillende
rangen. Dit verschil kun je herkennen door op de schouder
kijken.
- De
surveillant heeft twee strepen, de agent drie strepen. De
hoofdagent heeft er zelfs vier. Mensen die nog op de
politieschool zitten, hebben maar één streep. De
verschillende tekens noemen we de onderscheidingstekens.
Aspirant.
Een aspirant is iemand die
nog op school zit.
surveillant

Agent

Soms moet
een politievrouw of politieman voor de Mobiele Eenheid werken.
Dan herken je ze aan een blauwe overall, hoge zwarte laarzen, een
helm, een lange wapenstok en een schild.