Horen doe je met je oren
Mensen kunnen horen. Dat is maar goed ook,
want anders zouden we bijvoorbeeld niet kunnen horen wat iemand
tegen je zegt. Alles zou opgeschreven moeten worden, omdat je
anders niet met elkaar kunt communiceren.
Geluid is een trilling. Dat kan een snaar
van een gitaar zijn, of de lucht die begint te trillen doordat
het door een gaatje van een blokfluit wordt geblazen. Ook het
geluid van pratende mensen is trillende lucht. Een mens laat
lucht tussen de stembanden doorlopen. Door de stembanden dichter
of minder dicht tegen elkaar te houden ontstaan er verschillende
soorten trillingen. Die verschillende trillingen geven weer
verschillende geluiden. We kunnen trillende lucht niet zien.
Waarom kunnen wij die trillingen nou horen
als geluid? In het volgende voorbeeld proberen wij duidelijk te
maken hoe het komt dat wij horen.
Kees wil gitaar leren spelen. Hij pakt de
gitaar van zijn broer en trekt voorzichtig met zijn vinger aan
een snaar. De snaar begint te trillen. De lucht om de gitaar
begint mee te trillen. De trillingen gaan alle kanten op. Ook
naar het oor van Kees. De trillingen worden opgevangen door de
oorschelp. De oorschelp staat zo gericht dat het de trillingen
door de gehoorgang naar het trommelvlies stuurt. Het trommelvlies
is een heel dun vliesje dat de gehoorgang afschermt. De
trillingen van de lucht laat het trommelvlies meetrillen. Achter
het trommelvlies zitten drie hele kleine botjes. De
gehoorsbeentjes.

De gehoorsbeentjes hebben de volgende namen:
hamer, aambeeld, stijgbeugel. Ze hebben deze namen gekregen,
omdat ze op het ding lijken waarnaar ze vernoemd zijn. Het eerste
botje lijkt op een hamer, het tweede botje lijkt op een aambeeld
en het derde botje op een stijgbeugel. Deze botjes geven de
trillingen aan elkaar door. De hamer zit aan het aambeeld en het
aambeeld zit weer aan de stijgbeugel. De stijgbeugel geeft de
trilling weer door aan het slakkenhuis. Deze ziet er ook echt zo
uit als een slakkenhuis.

Het slakkenhuis is een lange holle gang en
is gevuld met vocht. Dit vocht geeft de trillingen van de
stijgbeugel ook weer door. Aan de binnenkant van het slakkenhuis
groeien hele kleine haartjes. Zo klein dat je ze alleen door een
microscoop zou kunnen zien. Aan het begin van het haartje zit een
zenuw. Wanneer het vocht van het slakkenhuis de haartjes laten
trillen, geeft de zenuw dit weer door aan de hersenen. Een zenuw
zet een trilling om in een klein elektrisch schokje. De hersenen
vangen deze schokjes op.
De hersenen kunnen een elektrisch schokje herkennen. Wanneer de hersenen een schokje herkent, weet je van wie de stem is die je hoort, of dat je een gitaar hoort. Als je goed nadenkt bestaan erg heel erg veel verschillende soorten geluiden. Deze geluiden gaan ook niet allemaal even hard. Eigenlijk gaan er dus ook heel erg veel verschillende soorten trillingen je oor in.