Een stukje geschiedenis

 

De Aboriginals zijn de oudste bewoners van Australië. Ongeveer 50.000 jaar geleden kwamen deze mensen vanuit Zuidoost-Azië naar Australië. Best gek zou je denken, aangezien de zee tussen deze landen ligt. Maar op het moment dat de Aboriginals naar Australië trokken was de zeespiegel zo laag, dat ze gewoon konden lopen. Er was dus een soort brug ontstaan tussen Zuidoost-Azië en Australië.

De eerste bewoners van Australië zijn de Aboriginals.

De Aboriginals bleven niet met z'n allen op 1 plek, maar verspreidden zich over het hele continent. Deze groepen mensen leefden dus alleen binnen hun eigen stam. En elke stam ontwikkelde zijn eigen taal. Een soort dialect kun je zeggen, maar de dialecten waren heel erg verschillend. Wanneer je de ene stamtaal kent, wil dat niet zeggen dat je een andere stamtaal kunt begrijpen. Over heel Australië waren er wel 800 verschillende stammen, met elk hun eigen taal.

De aboriginals kenden geen grenzen. Het stond dus niet vast waar welke stam mocht leven. In het binnenland waar de woestijn was trokken d aboriginals over honderden kilometers en aan de kust bleven de aboriginals meer op 1 plek. Daar is de grond immers vruchtbaarder dan in de woestijn.

De rest van de wereld leefden gescheiden van de bewoners van Australië. Hierdoor bleef de ontwikkeling van de aboriginals achter op de rest van de wereld. Zij hielden hun eigen leefstijl. Deze sobere levensstijl (dus geen televisie en supermarkten) noem je een nomadenbestaan. Tegenwoordig leven er nog wel aboriginals die een nomadenbestaan leiden, maar het zijn er nog maar heel weinig. Want in 1788 ontdekte Europa Australië en hierdoor ontwikkelde Australië zich steeds meer.

De boemerang

De Aboriginals gebruikten de boemerang voor hele andere doeleinden dan dat wij dit tegenwoordig doen. Tegenwoordig is de boemerang een hobby. Maar vele jaren geleden gebruikten de aboriginals de boemerang om te jagen!