Planten
Zeven
procent (dit was oorspronkelijk veertien procent) van de totale landoppervlakte
van onze aarde is bedekt
met tropische regenwouden.
De
aangename temperatuur en de grote hoeveelheid neerslag zorgen ervoor dat de
regenwouden een rijkdom aan planten en dieren herbergen.
De
jungle bestaat uit drie lagen namelijk:
Hieronder
volgt een korte uitleg per grondlaag.
De
begane grond: de bosvloer
De bosvloer is bedekt met afgevallen bladeren en takken die voor de nodige
voedingsstoffen zorgen. Het is er ook zeer donker omdat het zonlicht er bijna
nooit doordringt. Op de bosvloer groeien mossen en varens en leven naast
ontelbare insecten ook schildpadden, kleien hertjes, wilde varkens,
ect.
De eerste etage: de onderlaag
Hier vinden we varens, jonge bomen, struiken en lianen. Ook hier schijnt maar
weinig zonlicht. In deze etage voelen boomkikkers, eekhoorns, apen en vogels
zich thuis.
De tweede etage: de kroonlaag en de reuzenbomen
In deze laag vinden we de bomen die veertig meter en hoger worden. Het is de
droogste etage uit het regenwoud. De boomtoppen staan dicht tegen elkaar aan en
vormen een gesloten bladerdak. Het bladerdak vangt veel licht en regen. Hier
bloeien klimcactussen en orchideeën zeer weelderig. De kroonlaag vormt ook het
geliefkoosde terrein van de apen, boomslangen, leguanen en vele vogels.