FRANSE GEWOONTEN

 

De Fransen stammen af van verschillende volken, die in Frankrijk gewoond hebben. Over het algemeen is een Fransman trots op zijn land en cultuur. Hij vindt de Franse taal belangrijk en spreekt meestal geen andere taal.

In de steden en op het platteland wordt hard gewerkt. Meer dan de helft van de vrouwen heeft vaak een baan. Hun kleine kinderen kunnen ze naar de crèche brengen. De Franse regering vindt het belangrijk dat vrouwen werken. Daarom betaalt de regering mee aan de crèches.

In zijn vrije tijd geniet de Fransman graag van de natuur die het land heeft. Het gezin speelt een belangrijke rol in Frankrijk. De meeste mensen wonen in een twee-ouder gezin. Maar dat is aan het veranderen: steeds minder mensen trouwen en steeds meer huwelijken eindigen in een echtscheiding. De meeste Fransen wonen in steden. Grote steden zijn Parijs, Lyon en Marseille. De laatste jaren trekken veel meer Fransen weg uit de stad naar het platteland. Ze gaan wonen in een van de vele aantrekkelijke dorpen in de buurt van de drukke steden. Fransen besteden veel van hun geld dat ze verdienen aan hun woning. Die is meestal niet zo groot en heeft vaak maar drie kamers. Dat komt omdat de mensen in steden in appartementen wonen. De dorpjes op het platteland zien er bijna nog hetzelfde uit als eeuwen geleden: oude huisjes met luiken voor de ramen. De hoofdstraat komt meestal uit bij het dorpsplein.

  Het eten in Frankrijk is heel belangrijk. Na het avondeten blijven de meeste Fransen gewoon thuis. Ze kijken televisie, luisteren naar de radio of lezen de krant. Bijna alle Franse steden en dorpen hebben een markt. In de grote steden is er wel iedere morgen een markt. In de kleinere steden en in de dorpen een of twee keer in de week. Markten zijn in Frankrijk meestal gezellig. De mensen in de dorpen kunnen niet zonder hun wekelijkse markt. Want behalve de bakkerij en de slager zijn er geen winkels in het dorp.

terug naar startpagina