|
| |
| Als 1
van de vrouwen uit een kudde bronstig is, komen er mannetjes bij onze
kudde rondhangen.
Bronstig
betekent dat ze wil paren. Als de bul (mannetjes olifant) met haar gepaard
heeft, dan vertrekt hij weer op zoek naar andere bronstige vrouwtjes. Over
22 maanden wordt er een jong geboren: 100 kilo zwaar en 85 cm hoog. Nog
geen uur later kan het staan en met de kudde meelopen.
|
 |
 |
Wij
kijken mee met het jong dat pas geboren is. Hier zie je mij. Ik drink hier
bij mijn moeder. De tepels
zitten tussen de voorpoten en ik drink niet met mijn slurf maar met mijn
bek. |
Nu loop
ik met de kudde mee. Ik loop hier met mijn moeder en mijn tantes. Mannen
komen in een kudde niet voor.
Wij kunnen ook praten met elkaar. Op korte afstand houden we contact door
een rommelend geluid uit onze darmen te laten horen. Op langere afstand
praten we met lage tonen uit onze slurf. |
 |
 |
Ik lig
hier tussen de oudere dieren. Ik heb meer slaap nodig dan hen en daarom
lig ik elke middag even te rusten bij mijn moeder, die mij dan beschermt. |
| Ik vind
het leuk om mijn tantes eens aan de staart te trekken. |
 |
 |
Mijn
slurf is erg handig. Ik gebruik hem voor heel veel dingen. Het is
eigenlijk een uitgegroeide neus en bovenlip. Hierdoor kan hij alle kanten
op bewegen. Ik gebruik hem als hand, neus, stofzuiger, douche, slagwapen,
graafmachine en trompet. |
| Wij
lopen net als paarden op de toppen van onze tenen. Hier zie je een
olifantenvoet. In de voetzool zit een dik elastisch kussen, dat werkt als
schokdemper. |
 |
 |
Hier
zie je mijn moeder. Haar oren hebben een waaiervorm en ze kunnen ruim
anderhalve meter zijn. Wij zijn bijna onbehaard.
|
| Om te drinken zuigt mijn moeder
hier water op in zijn slurf en spuit die leeg in zijn bek. Mijn moeder
drinkt wel 100 liter water per dag. Ik drink ook heel veel maar niet
zoveel als mijn moeder. |
 |
 |
Verder
eten wij ook gras, bladeren, wortels, takken, schors, knollen en vruchten. |
|