Woordspel

 

 

Vaardigheid: bewustzijn van zinnen en woorden.

 

Doel:  

 

Materiaal: diverse voorwerpen die kunnen worden benoemd als samengestelde woorden. Plaatjes van losse woorden waar één samengesteld woord van gemaakt kan worden.

 

Voorbereiding: verzamel voorwerpen die kunnen worden benoemd als samengestelde woorden: toverstaf, toverhoed. Bedenk een aantal samengestelde woorden en woorden die niet samengesteld zijn, maar wel uit twee lettergrepen bestaan: toverstaf, toverhoed, spie-gel.

 

Aandachtspunten:  

 

Werkwijze:

 

Inleiding

In de kring liggen diverse voorwerpen verspreid. Vraag de leerlingen wat ze allemaal zien liggen. vraag hen wat er opvalt aan deze woorden. herhaal de woorden langzaam en laat een korte stilte vallen tussen de twee woorden: tover- staf.

Noem een voorbeeld: "toverstaf bestaat uit twee woorden. Tover en staf. Het is heel belangrijk dat het woord uit twee woorden bestaat. Want daardoor weet je precies waar het over gaat. het gaat om een toverstaf en niet om een toverhoed. Het is dus wat anders." 

 

Kern

Noem een aantal samengestelde woorden en vraag de leerlingen of ze de twee woorden kunnen horen. als dit nog moeilijk is kun je hier ook weer een rust in bouwen.

 

Afsluiting

Je noemt een aantal woorden, samengestelde en niet samengestelde woorden met twee lettergrepen. De leerlingen klappen in hun handen als ze een samengesteld woord horen. laat de leerlingen vertellen uit welke twee woorden het samengestelde woord bestaat.

 

Varianten: 

Verzamel plaatjes van losse woorden waar samen één samengesteld woord van gemaakt kan worden. Laat de leerlingen twee plaatjes bij elkaar zoeken die samen een samengesteld woord vormen.

Geef de leerlingen telkens een woord. En vraag de leerlingen er zelf een ander woord bij te bedenken waar door er weer een nieuw woord ontstaat.