| algemene informatie
over:
|
![]() |
De geschiedenis van Zieuwent
Zo rond de 17e eeuw was het voor katholieken heel
moeilijk openlijk hun godsdienst te belijden. Ook voor de
katholieke mensen in Zieuwent. Priesters moesten hun werk in het
geheim doen.
Dat was de tijd van de
zogenaamde reformatie. Er waren mensen gekomen die het niet eens
waren met het katholieke geloof. Deze mensen vonden het
katholieke geloof niet echt. Ze vonden het nogal zweverig. Deze
mensen hadden behoefte aan bronnen waarin ze terug konden vinden
wat ze geloofden. Ze wilden het geloof eenvoudig houden. Ze
vonden dus het bijbellezen erg belangrijk.Katholieken hadden dus
geen kans hun geloof uit te oefenen.
Soms waren er adelijke
families die hun kasteel ter beschikking stelden. De mensen uit
de omgeving konden dan daar hun geloof belijden. Want wat er op
het kasteel van een Heer gebeurde, dat was zijn zaak. Niemand
anders had er wat te zeggen.
Er stond ook zon
kasteeltje in Harreveld, dichtbij Zieuwent. De mensen op het
kasteeltje waren niet katholiek, maar ze vonden het niet erg dat
er Katholieke vieringen werden gehouden. Er kwamen mensen uit de
hele omgeving naar Harreveld. Dus ook uit Zieuwent. Door de
mensen op het kasteel is Lichtenvoorde en omgeving katholiek
gebleven en Zieuwent hoort daar dus ook bij.
Pas veel later heeft Zieuwent een eigen katholieke kerk gekregen. Dat was in de tijd van de Bataafse republiek. De mensen van de Bataafse republiek waren voor vrijheid, gelijkheid en broederschap. Dat betekende voor katholieke mensen dat zij hun geloof niet meer in het geheim hoefden te beoefenen.
Er kwam een nieuwe
bewoner op Het kasteeltje in Harreveld. Baron van Dorth met zijn
zoon en dochter. Deze Baron wilde niet dat er diensten werden
gehouden in zijn kasteeltje. Er moest op een andere plaats een
kerk komen. De mensen uit Zieuwent bouwden in 1795 hun eigen
kerk. Dan hoefden ze ook niet zon eind naar Harreveld te
lopen. Deze kerk heette de Werenfriduskerk.
Aanleiding tot bouw
nieuwe Heilige Werenfriduskerk (1898-1899)
Als je in Zieuwent bij de Heilige Werenfriduskerk gaat rondkijken,
dan vraag je je misschien wel af hoe het kan dat zon klein
dorpje zon grote kerk kan hebben. Een kerk voor een grote
stad in plaats van voor een dorp.
De oude Heilige Werenfriduskerk, die gebouwd is rond het jaar 1795, was
waarschijnlijk te klein geworden en het gebouw zag er ook
bouwvallig uit. De kerk bestond toen ongeveer 100 jaar.
Ook is de bouw van de
nieuwe kerk waarschijnlijk te danken aan de pastoor. Zijn naam is
pastoor H. Sanderink. Hij is in 1894 als pastoor naar Zieuwent
gekomen. Toen hij in 1895 met de eerste Zieuwentse bedevaart naar
het Duitse Kevelaer ging, was hij erg onder de indruk van de
bedevaartsbasiliek Maria Troosteres der Bedrukten die
daar stond. Na het zien van deze kerk had pastoor Sanderink het
plan om in Zieuwent een kerk te bouwen die wel wat leek op de
basiliek in Kevelaer. De basiliek is gebouwd in de stijl van de
Nederrijnse gotiek.
Heel toevallig lag er al
een ontwerp klaar voor een prachtige kerk, ontworpen door de
architect J.W. Boerbooms. Het ontwerp was door een aantal andere
parochies al afgewezen.
Het dorpje Zieuwent wilde
het ontwerp wel graag gebruiken voor de nieuwe kerk. Er zijn een
paar kleine dingetjes veranderd in het ontwerp. In 1898 kon
gestart worden met de bouw van de kerk.
Op 30 juni 1898 werd door pastoor Sanderink, samen met een aantal geestelijken, de eerste steen gelegd van de nieuwe Werenfriduskerk. Het bouwen van de kerk kostte f 146.309,28. Alle stenen die nodig waren voor de bouw werden per trein uit Winterswijk naar het station in Lievelde gebracht. Hier werden de stenen overgeladen op boerenwagens. De boeren brachten de stenen vervolgens naar Zieuwent.
Al op 10 oktober 1899 werd de nieuwe kerk ingewijd en op 12 oktober 1899 officieel in gebruik genomen.
De mensen uit
Mariënvelde gingen in de tijd ook allemaal nog naar de kerk in
Zieuwent. En omdat zij best ver van de parochiekerk woonden, kwam
het plan om de nieuwe kerk meer in het noordelijk deel van
Zieuwent te bouwen. Ze wilden het eerst aan de Ruurloseweg
bouwen, maar toen bood iemand anders een ander stuk grond aan
voor heel weinig geld. Dit stuk grond heet het Hoenderboom en
daar is de kerk nu dus ook op gebouwd. Er is nu nog steeds in
Zieuwent een buurtvereniging die het Hoenderboom
heet.
Vragen:
H. Werenfridus, wie
was deze man?
Werenfried was een monnik uit Engeland en hij kwam in de 1e
helft van de 8e eeuw (700-800 na Chr.) naar het
vasteland in Europa om hier in Nederland het christendom te
brengen. Hij was eerst vooral in Medemblik en omgeving. Later
is hij naar Gelderland gekomen en om iets preciezer te zijn in de
plaatsen Elst en Westervoort.
In 760 komt Werenfried te
overlijden. De bewoners van de plaatsen Elst en Westervoort zijn
het er niet over eens waar hij begraven moet worden. Daarom
besluiten ze dat hij zelf moet bepalen waar hij begraven wil
worden. Ze leggen het lichaam van de overleden Werenfried in een
bootje waar verder niemand in zit. De richting waarin het bootje
zal varen, zal de plaats worden waar hij begraven wordt. Het
bootje drijft natuurlijk met de stroom mee en ging richting Elst.
De mensen uit Westervoort waren het er niet mee eens en ze
bedachten een ander plan. Het lichaam van Werenfried werd nu op
een ossenkar gelegd. De ossen lopen dus een bepaalde kant op en
in die plaats wordt Werenfried begraven. De ossen liepen in de
richting van Elst.
Hier in Elst blijft het
lichaam van de Heilige Werenfridus (hij is inmiddels heilig
verklaard) tot de tijd van de Reformatie. Men was bang dat het
lichaam door de protestanten vernield of weggehaald zou worden.
Daarom heeft men hem in 1664 overgebracht naar de Jezuietenkerk
in Emmerich, dat in Duitsland ligt.
Werenfried betekent: de
vrede bewaren. De naam bestaat uit twee Germaanse woorden: weren
(dat betekent bewaren) en fried (dat vrede betekent).
In Zieuwent is de kerk
dus naar de H. Werenfridus genoemd. Zijn beeld staat aan de
buitenkant van de toren boven de hoofdingang en ook tegen één
van de pilaren vóór in de kerk. In de ramen bij het
priesterkoor zijn afbeeldingen van de monnik geplaatst. Maar ook
een straat in Zieuwent heeft de naam van de heilige gekregen.
Zijn naamfeest wordt
gevierd op 14 augustus.
Vragen:
Restauraties
De bouw van de kerk is begonnen in 1898 en in 1899 was alles
klaar. In 1931 kwam er een man uit Arnhem om het metselwerk van
de Werenfridustoren te inspecteren en hij schrok wel een beetje.
Hij schreef een brief aan pastoor Bergervoet dat de stenen heel
erg slecht waren. Hij snapte ook niet goed dat er zulke slechte
stenen waren gebruikt bij zon groot en zwaar gebouw.
In 1925 is de toren al
heel slecht. Naast de kerk was toen een postkantoor. Toen er
toevallig net na sluitingstijd nog een klant binnenkwam, kwam er
ook wat anders binnenvallen: één van de beelden (waterspuwer)
boven aan de Werenfridustoren! Er was een pinakel (een soort
punt) afgebroken en die had de waterspuwer meegenomen in zijn
val. De mensen die in het postkantoor stonden, hadden geluk gehad
want het beeld en de pinakel vielen vlak bij de deur. Stel je
voor dat ze net bij die deur hadden gestaan

De waterspuwer valt.....
Dit had natuurlijk niet
mogen gebeuren en iedereen zag nu zelf ook wel dat er iets gedaan
moest worden. In 1931 kwamen er een aantal restauraties aan de
toren en vooral de slechtste delen werden verbeterd.
Er hebben veel mensen aan
gewerkt: metselaars, timmermannen, steigermakers, steenhouwers,
leidekkers, loodgieters enz. Wist je trouwens dat de mensen
vroeger een heel laag loon kregen? Een metselaar kreeg
bijvoorbeeld maar 75 cent per uur! Dan denk je misschien:
Die restauratie van de kerk was echt goedkoop! Het
lijkt ook heel weinig maar alles was vroeger natuurlijk ook veel
goedkoper dan nu.
In 1941 was er ook een
inspectie en toen kwamen ze erachter dat het leiendak van de kerk
wel erg slecht was. Dit dak werd vernieuwd en dit kostte f.
9385,- gulden.
Van 1992 tot 1994 was de
restauratie van de buitenkant van de kerk. In 1999 werd het
interieur (de binnenkant van de kerk) gerestaureerd. Dit was een
algehele restauratie, dus er werd veel verbeterd en vernieuwd.
Dit was ook wel nodig
want 40 jaar na de restauratie van de toren waren er ook een
aantal dingen die nodig gemaakt moesten worden. Bij harde wind
kwamen er leien naar beneden, de dakgoten waren versleten, er
vielen stukken glas uit de glas-in-loodramen, muren bladerden af
en muurschilderingen in de kerk waren beschadigd. Ook waren er
een aantal muren heel slecht en de engelenbeelden waren ook al
oud. Het was erg gevaarlijk.
Er was veel geld nodig
voor de restauratie en waar haalde zon kleine gemeenschap
als Zieuwent dit geld vandaan? In 1972 was pastoor van den Hengel
naar Zieuwent gekomen. Samen met het parochiebestuur probeerde de
pastoor een oplossing te bedenken.
Op 10 februari 1976 werd
de kerk op de Monumentenlijst gezet maar helaas was er nog steeds
geen geld voor de restauratie. Iedereen doet zijn best om geld te
krijgen voor de kerk maar het schiet niet echt op. Alle moeite
werd beloond in 1991: de kerk kreeg geld van het rijk voor de
restauratie. Ook de mensen uit Zieuwent hadden een groot bedrag
bij elkaar gelegd en de restauratie van de buitenkant van de kerk
kon beginnen!
In 1999 werd de
binnenkant van de kerk opgeknapt. Er was geen geld voor deze
restauratie. Het parochiebestuur betaalde de helft van de kosten
en de andere helft kwam rechtstreeks van de Zieuwentse mensen.
Dit bleek geen probleem en in de laatste helft van de 20e
eeuw is de Heilige Werenfriduskerk nog mooi opgeknapt!
De klokken
Als je voor de kerk staat
en naar boven kijkt, zie je misschien in de torens wel klokken
hangen. Je hebt ze ook vast wel eens gehoord.
De klokken luiden altijd voordat een mis begint, bij een begrafenis, trouwerij of andere bijzondere gebeurtenis, bijvoorbeeld communie. Het geluid van de klokken klinkt ook bij elke gebeurtenis anders. Bij een begrafenis is het geluid bijvoorbeeld veel lager en droeviger en bij een feest is het geluid hoger en dus vrolijker.
Tot 8 februari 1943 waren er 6 klokken in de twee torens van de Heilige Werenfriduskerk. Van deze 6 klokken werden de vier zwaarste op 8 februari 1943, tijdens de Tweede Wereldoorlog, door de Duitsers meegenomen. De twee kleinere klokken waren al veilig verborgen zodat de Duitsers ze niet konden vinden.

De Duitsers namen deze
klokken mee omdat ze deze nodig hadden voor de wapenindustrie. De
Duitsers hadden niet genoeg grondstoffen en konden dus geen
wapens meer maken. Om de Duitse industrie aan metaal te helpen,
kwamen de Duitsers in Nederland om kerkklokken uit de torens te
halen. De klokken werden dan gesmolten en er werden wapens van
gemaakt.
De twee kleine klokken,
die tijdens de klokkenroof tijdens de Tweede Wereldoorlog veilig
waren verborgen, hadden ook al in de oude Heilige Werenfriduskerk
gehangen. Deze klokken zijn dus ook echte oudjes, ze
zijn al gemaakt in 1695 en 1824!
In 1949 komen er drie
nieuwe bronzen klokken in de toren van de Heilige Werenfriduskerk.
Deze drie klokken zijn
hartstikke groot en zwaar. De grootste van de drie is 1,5 meter
breed en weegt 2476 kg!
In de drie klokken staat ook een tekst. Op de grootste klok staat bijvoorbeeld Jesus Salvator Mundi en dat betekent: Jezus, de redder van de wereld.