Kerkgraf


Een wonderlijke gewoonte bleef de eeuwen door bestaan en dat was die van het begraven in de kerk. Ondanks fel verzet van de katholieke leiders in Rome was het een gewoonte geworden. Eerst alleen voor belangrijke personen die zo dicht mogelijk bij het altaar wachtten op de dag dat alle doden zouden opstaan. Vervolgens kregen ook de rijken toestemming, de koopmannen volgden en tenslotte werd iedereen die het kon betalen in de kerk begraven. Voor veel geld kreeg men in het koor een laatste rustplaats. De goedkoopste plaatsen waren bij de toren of anders buiten de kerk op het kerkhof. Als iemand overleed, was dat snel bekend in het dorp. Bovendien ging de aanzegger rond. Als het nacht was werd iedereen wakker gemaakt, tot de dieren in de stal toe. Men geloofde dat de ziel van de overledene nog rond zwierf en makkelijk de geest van een slapende kon meevoeren. Om een zelfde reden werden spiegels afgedekt vanuit de gedachte dat men in de spiegel zijn geest ziet. Alles was erop gericht om de ziel te beletten terug te keren in het lichaam. Het lichaam werd gewassen, op stro gelegd en met de voeten vooruit het huis uitgedragen. Om de boze geesten te verjagen werd de klok geluid. Buren hielpen bij de begrafenis. Ze waren wel verplicht van de kerk rouwmantels te huren. Begraven was toen iets voor mannen, de vrouwen bleven thuis.

Kortom: mensen, die heel veel voor de kerk hebben betekend, werden dus in de kerk begraven. Ook mensen met heel veel geld konden een graf in de kerk kopen.

 

pijlterug.gif (2189 bytes)

Bron: http://www.wfm.nl/tvnh_warmenhuizen.htm