Het bos
|
||
|
|
|
|
Als
je met je muis over een woord gaat, verandert het in een handje.
Als je dan klikt, dan ga je meteen naar dat hoofdstuk.
|
|
1
INLEIDING
|
Misschien ben je zelf wel eens in het bos geweest, hier zie je van
alles.
In elk seizoen ziet het bos er weer anders uit. Je ziet bomen, bladeren,
dieren, paddestoelen, boomvruchten aan de takken of op de grond en nog veel
meer. Als je het opdrachten blokje aanklikt zie je verschillende opdrachten
over het bos.
2 OPDRACHT
|
Opdracht 1:
We gaan bosdieren maken! Je kan kiezen tussen een
egel, een kever, lieveheersbeestje en een muis.
Deze kunnen op de volgende manieren gemaakt
worden:

Benodigdheden:
aardappels
knopspelden
cocktailprikkers
kraaltjes
wol
stiften
papier
Opdracht 2 a:
We gaan bladeren tamponneren. Iedereen neemt een
paar mooie grote bladeren mee. Deze gaan we tamponneren. Je legt het blad op
een wit vel. Je kan je kwast op en neer bewegen, van boven naar beneden. Je
gaat om het blad heen. Wanneer je het blad eraf haalt, zie je de omtrek van het
blad. (zie voorbeeld)
Benodigdheden:
witte vellen papier
herfstbladeren
verf (in herfstkleuren)
kwasten
Opdracht 2 b:
We gaan bladeren verven en stempelen. Je verft je
blad. Je legt het blad op de kop op het witte vel, zo krijg je een afdruk van
je blad. Wat je ook kan doen is het blad op het witte vel leggen en met een
kwast om het blad heen verven. Zo krijg je de omtrek van het blad.
Benodigdheden:
witte vellen papier
herfstbladeren
verf (in herfstkleuren)
kwasten
Opdracht 3:
Bij deze opdracht is het de bedoeling dat je een verslag maakt van minstens 4 verschillende bosdieren. Hoe leven zij? Wat eten ze? Waar komen ze voor in Nederland? Etc.
Om informatie te verzamelen kun je kijken op de links die bij de infobronnen staan.
3 VERWERKING
|
Opdracht 1:
Stap 1: Je moet eerst bedenken welk dier je wilt gaan maken. Je kunt kiezen uit een egel, kever, lieveheersbeestje en een muis.
Stap 2: Dan kijk je hieronder wat je daarvoor
nodig hebt (als je zelf nog andere materialen kunt bedenken om het dier te
maken mag je
die natuurlijk ook gebruiken).
|
Egel |
Kever |
Lieveheersbeestje |
Muis |
|
Aardappel Knopspelden Kralen voor ogen |
Aardappel Stiften Knopspelden Kralen voor ogen Cocktailprikkers |
Aardappel Stiften Knopspelden Kralen voor ogen Cocktailprikkers |
Aardappel Papier voor oren Knopspelden Kralen voor ogen Touw voor staart en snorharen |
Stap 3: De kinderen maken het dier dat ze hebben
uitgekozen.
Stap 4: Als de kinderen klaar zijn met het maken
van het dier maken de kinderen een holletje waar de dieren in kunnen. De
kinderen krijgen een lap en moeten daarmee een holletje maken. Ze moeten zelf
bedenken hoe ze dat doen.
Opdracht 2 a:
We gaan bladeren tamponneren.
Stap 1: Iedereen neemt een paar mooie grote
bladeren mee.
Stap 2: Je maakt groepjes van vier kinderen.
Stap 3: Een van jullie pakt de kranten voor op
tafel, een ander pakt de verf, weer een ander pakt de bladeren en het papier,
de laatste pakt de kwasten. Als alles klaar ligt kunnen jullie beginnen.
Stap 4: Jullie gaan beginnen met het verven van de
bladeren, gebruik hiervoor de achterkant want dan zie je de nerven straks
beter.
Stap 5: Wanneer je de bladeren hebben geverfd, leg
je ze op de kop (met de verfkant naar beneden) op het witte vel papier. Nu ga
je de bladeren zachtjes aandrukken.
Stap 6: Nu haal je het blad van het papier, en zie
daar… het resultaat!
Opdracht 2 b:
Stap 1: Iedereen neemt
een paar mooie grote bladeren mee.
Stap 2: Je maakt groepjes van vier kinderen.
Stap 3: Een van jullie pakt de kranten voor op
tafel, een ander pakt de verf, weer een ander pakt de bladeren en het papier,
de laatste pakt de kwasten. Als alles klaar ligt kunnen jullie beginnen.
Stap 4: Eerst pak je een blad en legt
dit blad op het witte vel.
Stap 5: Hou het blad vast met je
wijsvinger en druk met je verfkwast om het blad heen.
Stap 6: Haal het blaadje er voorzichtig
af, en zie daar… het resultaat!
Tip: Gebruik verschillende soorten bladeren. Dat
geeft een leuk effect.
Opdracht 3:
Stap 1: Maak groepjes van vier en bedenk wie welk
dier gaat onderzoeken.
Stap 2: Bekijk de links en bedenk van welke dieren
je een verslag wilt maken.
Stap 3: Lees de informatie over die dieren door.
Stap 4: Pak de losse blaadjes die voor in het
lokaal liggen en beschrijf de dieren die je hebt gekozen.
Stap 5: Maak bij elk dier een tekening.
Stap 6: Plak zowel de tekst als de tekeningen op een groot vel gekleurd papier en hang deze op in het lokaal.
|
|
4 INFO BRONNEN
|
Links voor opdracht 2:
Ř
http://home.hetnet.nl/~creakids/knutselen/verven.htm
Ř
http://www.digischool.nl/po/ds/dbs/groepen/7-8/vakken78/biologie/bomen/bomen5.html#stemp
Links voor opdracht 3:
Ř
http://victorian.fortunecity.com/freud/638/199899/project/boskl/overzbos.htm
Ř
http://www.dierennatuur.nl/index.asp?ID=0&main=http://www.dierennatuur.nl/bosdieren/
5 BEOORDELING
|
Alle opdrachten die je gemaakt hebt worden
beoordeeld!
Bij elk onderdeel kun je hieronder lezen waarop je
moet letten en hoe ze beoordeeld worden.
Opdracht 1: Herfstdieren maken
|
Als je opdracht de volgende punten bevat: |
Dan kun je op de volgende dingen letten: |
|
Creativiteit |
Ziet je diertje er goed verzorgd uit? Heb je de materialen op een leuke en creatieve
manier gebruikt? |
|
Het ontwerp |
Heb je effectieve en creatieve oplossingen
gevonden voor het maken van het beestje? Heb je hier goed over nagedacht en ook
verschillende dingen uitgeprobeerd? Ziet je beestje er technisch goed uit: valt hij
niet uit elkaar? |
|
|
beginner |
niet slecht |
goed |
|
Creativiteit |
Het lijkt wel of je zomaar wat gemaakt hebt. Je hebt er niet
goed over nagedacht hoe je jouw beestje er leuk uit wil laten zien. |
Het beestje ziet er leuk en creatief uit. Je hebt goed nagedacht
over hoe je het beestje vorm wilt geven. Je had nog wat meer tijd kunnen
besteden aan de afwerking hiervan. |
Het beestje ziet er leuk en creatief en goedverzorgd uit. Je
hebt goed nagedacht over hoe je het beestje vorm wilt geven. Ook heb je
originele vormen gebruikt. |
|
Diertje ontwerpen |
Het lijkt wel of je geen moeite hebt
gedaan om het diertje er mooi en verzorgt uit te laten zien. |
Het diertje ziet er leuk uit. Je
had nog wat meer tijd kunnen besteden aan de afwerking. |
Het diertje ziet er erg leuk uit. Je hebt er
veel zorg en aandacht aan besteed. |
Opdracht 2 a: Bladeren
tamponneren
|
Als je opdracht de volgende punten bevat: |
Dan kun je op de volgende dingen letten: |
Creativiteit
|
Heb je de
bladeren netjes getamponneerd, geen overtollige verfresten? Heb je
verschillende kleuren gebruikt? |
|
Ontwerp |
Heb je goed nagedacht over de verschillende soorten bladeren, en
hier een leuke compositie van gemaakt? Heb je de bladeren op een leuke en originele manier neergelegd? Heb je overlapping gebruikt? |
Opdracht 2 b: Bladeren
verven en stempelen
|
Als je opdracht de volgende punten bevat: |
Dan kun je op de volgende dingen letten: |
|
Creativiteit |
Heb je de bladeren netjes geverfd en gestempeld, geen
overtollige verfresten? Heb je verschillende kleuren gebruikt? |
|
Ontwerp |
Heb je goed nagedacht over de verschillende soorten bladeren, en
hier een leuke compositie van gemaakt? Heb je de bladeren op een leuke en originele manier neergelegd? Heb je overlapping gebruikt? |
|
|
beginner |
niet slecht |
goed |
|
Creativiteit |
Het ziet er onverzorgd uit. Het lijkt snel afgemaakt te zijn
zonder veel verdieping in de creativiteit. De bladeren zijn niet echt
zichtbaar meer. |
De bladeren zijn goed te zien. Er is nagedacht over de kleur van
de bladeren. Je zou nog wat aandacht kunnen besteden aan de hoeveelheid verf. |
Er is netjes
gewerkt. De bladeren zijn goed te
zien. Er is niet geknoeid met verf, maar de juiste hoeveelheid gebruikt. Er
is goed nagedacht over de creativiteit. |
|
Ontwerp |
Het lijkt snel afgemaakt. Er is weinig aandacht besteed aan het
ontwerp. Weinig tot geen kleurgebruik. |
Het ziet er niet slecht uit. Er zou nog iets meer aandacht
besteed kunnen worden aan de compositie. Het kleurgebruik kan nog iets
gevarieerder, maar je bent goed op weg. |
Je hebt goed
nagedacht over je ontwerp. Kleurgebruik ziet er goed uit. De compositie van
de bladeren is netjes geverfd. |
Opdracht 3: Een verslag over minimaal vier dieren
|
Als je opdracht de volgende punten bevat: |
Dan kun je op de volgende dingen letten: |
Samenwerking
|
Heb je goed overleg gepleegd met je groepje? |
|
Geschreven
producten |
Heb je goed gekeken naar
de spelling en grammatica? Heb je een leuk
verhaaltje geschreven wat leuk is om te lezen? Heb je de belangrijkste
dingen erin gezet die erin moesten? Hoe heb je het verslag
ingedeeld? (inhoudsopgave, paginanummering etc?) |
|
Creativiteit |
Is het verslag niet langdradig? Heb je originele tekeningen gemaakt? |
|
|
beginner |
niet slecht |
goed |
|
Samenwerking |
Er is geen goed overleg gepleegd. Het werk is
niet goed verdeeld. Conflicten konden niet binnen het groepje worden
opgelost. Kinderen namen geen verantwoordelijkheid. |
Er is op zich wel goed samen gewerkt maar het overleg ging
moeizaam. De verantwoordelijk kon beter verdeeld worden. |
Jullie hebben goed met elkaar overlegd en de taken eerlijk
verdeeld. Conflicten zijn binnen het groepje opgelost. |
|
Geschreven producten |
Het verslag nodigt niet
uit tot lezen. Het taalgebruik is niet juist. Er staan veel spelfouten en
grammaticale fouten in. Het verslag ziet er niet verzorgd uit. Er is geen
aandacht besteed aan de lay-out. |
Het verslag ziet er redelijk verzorgd uit. Er staan soms wat
spelfouten of grammaticale fouten in. Aan de lay-out had meer aandacht kunnen
worden besteed. |
Jullie verslagen zien er goed verzorgd uit en zijn aantrekkelijk
om te lezen. Er staan vrijwel geen spelfouten en/of grammaticale fouten in.
Het verslag ziet er geordend uit, heeft een inhoudsopgave en de pagina’s zijn
genummerd. |
|
Creativiteit |
Aan de tekeningen is geen aandacht besteed. De tekst is
langdradig, moeilijk door te komen. |
De tekeningen zijn redelijk. Er had meer
aandacht aan kunnen worden besteed. Het verslag is wel leuk om te lezen. |
De tekeningen zien er goed uit, ze zijn origineel. Er is gelet
op details. Het verslag is heel leuk om te lezen. |
|
|
6 AFSLUITING
|
Voor de leerkracht:
Wanneer de kinderen alle opdrachten van deze
webkwestie hebben uitgevoerd hebben ze gewerkt aan de volgende doelen:
-
de kinderen hebben de fijne motoriek geoefend
-
de kinderen hebben hun creativiteitsvermogen
ontwikkeld
-
de kinderen moeten zich concentreren op het werk
-
de kinderen moeten originele vormen bedenken
-
de kinderen maken een bewuste keuze over de
kleuren die ze gebruiken
-
de kinderen moeten samenwerken
-
de kinderen letten op details bij het natekenen
-
de kinderen besteden zorg aan het werkstuk en het
verslag
-
de kinderen werken aan de compositie van de
bladeren
-
de kinderen moeten nadenken over conflicten
oplossen
-
de kinderen moeten de verantwoordelijk delen
-
de kinderen moeten letten op de grammatica en
spelling
-
de kinderen moeten nadenken over de lay-out
Voor de leerlingen:
Als je alle opdrachten van deze webkwestie hebt
uitgevoerd heb je
- bosdieren gemaakt
- bladeren geverfd, gestempeld en getamponneerd
-
een verslag gemaakt over bosdieren
-
kennis opgedaan van dieren die in het bos leven
7 LEERKRACHT
|
Deze webkwestie is bedoeld voor groep 5 van
de basisschool.
· Vakgebied:
beeldende vorming / taal / schrijven
· Opdracht 3 van
de webkwestie moet met 4 leerlingen samen worden gemaakt
· De leerlingen
zullen er 3 keer een dagdeel aan werken
· Materialen
Opdracht 1: aardappels
knopspelden
cocktailprikkers
kraaltjes
wol
stiften
papier
Opdracht 2a en 2b:
witte vellen papier
herfstbladeren
verf (in herfstkleuren)
kwasten
Op- en aanmerkingen over
deze webkwestie kunt u sturen naar:
Celeste.kuit@Iselinge.nl
Mies.eggink@Iselinge.nl
Lotte.eggink@Iselinge.nl
Eva.harmsen@Iselinge.nl