Gebarentaal

 

Het nut en gebruik van gebarentaal leren

 


 

 

Gebarentaal kun je leren bij de verschillende welzijnsstichtingen voor doven. De adressen vind je op de site van het gebarencentrum, www.gebarencentrum.nl.
De cursussen die zij verzorgen zijn voor ouders, familie en werknemers.

 

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

1 INLEIDING

 

 

Voor de meeste mensen is het heel normaal dat ze kunnen horen.

Maar niet voor alle mensen is dit zo vanzelfsprekend.

Sommige mensen kunnen niet of slecht horen; deze mensen zijn doof of slechthorend.

Voor hen is het makkelijk dat ze gebruik kunnen maken van een ander communicatiemiddel,

namelijk gebarentaal. Bij gebarentaal gebruiken de mensen hoofdzakelijk hun handen.

Met bepaalde tekens maken ze duidelijk wat ze bedoelen. Elk gebaar is een woord. Gebarentaal is een andere taal dan Nederlands, net als Engels of Duits een andere taal is.

Iedereen kan gebarentaal leren, dit hoeft niet perse vanaf de geboorte al aangeleerd te worden. Wanneer kinderen doof geboren worden leren ze van jongs af aan al om met hun handen te praten. Hun ouders moeten dit dan natuurlijk ook aanleren.

Naast de “Nederlandse Gebaren Taal” heb je ook  “Nederlands met Gebaren”. Dit noem je een gebarensysteem. Hierbij wordt er bij het gesproken Nederlands tegelijkertijd ook gebaren gemaakt. Om woorden en namen te spellen is er ook het handalfabet. Het spellen met je hand noemen we ook wel vingerspellen.

 

Op deze site kan je ervaren hoe het is om gebaren te maken en om te vingerspellen.

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

2 OPDRACHT

 

Inleidende opdrachten

 

1.     Probeer maar eens je naam te zeggen in vingerspelling (met het handalfabet), ga naar de verwerking om te kijken hoe je dit moet aanpakken.

2.       Werk in tweetallen

Spel een woord met het handalfabet voor je klasgenootje.

Je klasgenootje gaat dan jouw vingerspelling ontcijferen.

3.       Draai de rollen om.

Probeer de zin ‘ik hou van je’ uit te beelden. Ga naar verwerking voor de stappen die je eerst moet ondernemen.

4. Nu gaan we het iets moeilijker maken. Zoek de zin ‘wij gaan naar de film’.

Bij de verwerking staan de stappen die je moet ondernemen.

 

Kernopdracht

 

Bedenk in tweetallen een zin die je uit je hoofd met gebaren kunt maken.

De één zegt de zin hardop terwijl de ander de zin zegt door middel van gebaren.

Probeer zoveel mogelijk zinnen te bedenken, maar let op, het moet wel uit je hoofd.

Je kunt elkaar afwisselen zodat je niet zelf alles uit je hoofd hoeft te doen. Je gebruikt nu NmG (Nederlands met Gebaren).

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

3 VERWERKING

 

 

Aanwijzingen voor het uitvoeren van opdracht 1

 

·         Klik op de webpagina http://www.dovenschap.nl/Gebarentaal/handalfabet.html .
O
p deze site staan handvormen die elk een letter van het alfabet voorstellen.

 

Aanwijzingen voor het uitvoeren van opdracht 3

 

·         Ga nu naar http://www.kegg.nl/egg_gebaren.php

·         en voor filmpjes van gebaren: http://www.gebarencentrum.nl/gebarenwoordenboek.asp?color=y.

·         Zoek de zin ‘Ik hou van je’ op. Dit kun je doen door op de eerste letter te klikken waarmee de zin begint. In dit geval dus een ‘i’.

 

Aanwijzingen voor het uitvoeren van opdracht 4

 

·         Deze zin staat er niet in zijn geheel op, dus moet je de verschillende woorden bij elkaar zoeken.

·         Dit doe je doorsteeds de eerste letter van dat woord in typen.

 

Aanwijzing voor het uitvoeren van de kernopdracht

 

·         Je gaat naar de site http://www.kegg.nl/egg_gebaren.php en voor filmpjes van gebaren: http://www.gebarencentrum.nl/gebarenwoordenboek.asp?color=y .

·         Zoek vervolgens zelf woorden bij elkaar die zinnen maken of gebruik de kant en klare zinnen die erin staan.

 

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

4 INFO BRONNEN

 

Lijst met hyperlinks

 

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

5 BEOORDELING

 

Criteria voor de opdrachten

 

De kinderen moeten in staat zijn om:

 

·         de tekens van hun klasgenootje te ontcijferen, vereist concentratie.

·         de site te gebruiken als hulpmiddel bij het ontcijferen.

·         flexibel de gebaren en de handvormen van hun klasgenootje te interpreteren.

(in staat zijn om woorden te begrijpen ook als er een letter fout is).

 

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

 

6 AFSLUITING

 

Wat leren de leerlingen ervan?

 

van de desbetreffende vragen.

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht

 

 

7. LEERKRACHT

 

 

zodat je eventuele vragen van de kinderen kunt beantwoorden.

(extra tip! Loop de klas in terwijl je met gebaren praat, je hebt dan meteen de aandacht van de kinderen)

 

 

 

Naar begin v.d.pagina

1. Inleiding

2. Opdracht

3. Verwerking

4. Info bron

5. Beoordeling

6. Afsluiting

7. Leerkracht