| Zz | |
| zeeklimaat | Een klimaat met koele zomers en zachte winters, vaak neerslag |
| zeewind | De koele wind van zee naar het land. |
| zomer | Het tweede jaargetijde, tussen de lente en de herfst. |
|
zomertijd en wintertijd |
De klok wordt bij ons een uur voor- en achteruit gezet in de winter en zomer. |
| zon | De ster, waarom de planeten in ons zonnestelsel draaien. |
| zonneschijn | Het licht van de zon. |
| zonnewijzer | Een instrument om de plaats van de zon te weten, en daardoor de tijd. |
|
zout strooien |
Het verspreiden van zout, om gladheid te voorkomen. |
|
zuidelijk halfrond |
Het gebied ten zuiden van de evenaar. |
|
zuidpool cirkel |
Een denkbeeldige lijn waar het 's winters altijd donker is en 's zomers altijd licht. |
| zuurstof | Een gas in de lucht, waar wij van leven. |
|
zwaar bewolkt |
Bijna de hele lucht is bedekt met wolken. |