De waterkringloop
Op
het plaatje hieronder kun je zien hoe de waterkringloop in elkaar zit.
Zoals je misschien wel weet verdampt water. Denk maar eens aan een ketel water
die je opwarmt of het vuur. Na een tijdje komt er allemaal stoom uit. Dit komt
omdat het water zo warm is dat het van vloeibaar verandert in gas. Dit noemen we
verdamping. Dit zie je ook op het plaatje bij de oceaan.
Ook is er nog een andere manier van verdamping. Die manier noemen we transpiratie. Transpiratie is een andere naam voor zweten. Planten en bomen zetten koolstofdioxide om in zuurstof en water.
Daarna stijgt de warme lucht op, maar doordat het boven in de lucht kouder is koelt het weer af en wordt er een wolk gevormd. Dit noemen we ook wel condensatie.
Je
kunt ook zelf zorgen voor condensatie. Blaas maar een stegen een koud raam. Je
zult dan zien dat je warme adem druppels achterlaat op het koude glas.
Deze
wolk drijft richting het land en af en toe zal er neerslag vallen. Dit komt dan
op aarde terecht, komt in meren en rivieren en trekt ook in de bodem. Dit in de
bodem trekken noemen we infiltratie.
Ook
zijn er wolken waar sneeuw uit valt. Deze sneeuw valt op aarde. Een deel van die
sneeuw smelt langzaam en stroomt de berg af naar meertjes. Een ander deel van
die sneeuw trekt in de grond.
Op
het plaatje zie je ook dat het water via het grondwater terug komt in de oceaan.
Op die manier is de kringloop weer helemaal rond en begint het weer van voren af
aan.